EHRM-arrest 13 december 2011, Kanagaratnam tegen België, nr. 15297/09
Migratie en naturalisatie.25-01-2012
Samenvatting
In deze zaak hebben drie minderjarige kinderen en hun moeder, allen met de Sri Lankaanse nationaliteit, ongeveer vier maanden in detentie verbleven wegens illegaal verblijf in Transit Centre 127 bis in Brussel (België). Door klagers wordt bij het EHRM geklaagd dat vanwege de slechte detentieomstandigheden er sprake is geweest van een schending van de artikelen 3 EVRM en 5 EVRM. Het EHRM heeft in eerdere arresten al geoordeeld dat België artikel 3 EVRM heeft geschonden door kinderen te plaatsen in detentiecentrum Transit Centre 127 bis in Brussel. Ten aanzien van de moeder van de kinderen komt het EHRM niet tot het oordeel dat er sprake is geweest van een schending van artikel 3 EVRM gedurende haar detentie. Daarbij is volgens het EHRM van belang dat zij niet was gescheiden van haar kinderen.
Met betrekking tot artikel 5 EVRM overweegt het EHRM als volgt. Het EHRM is van oordeel dat de detentie van zowel de kinderen als de moeder onrechtmatig is geweest. De minderjarige kinderen zijn gedetineerd in een gesloten centrum dat bedoeld was voor volwassenen. Ten aanzien van de moeder is volgens het EHRM van belang dat de detentie is verlengd terwijl zij een tweede asielaanvraag had ingediend. Verder is van belang dat de moeder in detentie verbleef in een detentiecentrum dat niet geschikt kan worden geacht voor een familie met minderjarige kinderen. Het EHRM komt tot de conclusie dat de detentie van de moeder en de drie minderjarige kinderen in strijd is geweest met artikel 5 EVRM.
Volledig bericht
ECHR - nr. 15297/09
(Bron: Nieuwsberichten Migratierecht.nl 2012/46)
« Terug naar overzicht nieuws



